Adempauze
Dit is een korte oefening voor tussendoor. Waar je ook bent of wat je ook aan het doen bent, af en toe kan je enkele seconden de tijd vrij maken om te ontkoppelen. Je last dan een pauze in om even de motor in je hoofd op een lager toerental te laten draaien.
In deze oefening laat je dus je motor even op stand-by draaien door aandacht te geven aan iets anders – in dit geval je ademhaling. Of je nu in je bed ligt, aan het fietsen bent, in de trein zit of aan het telefoneren bent, elk moment dat je er aan denkt is een geschikt moment. Je “kijkt” gewoon toe hoe je lichaam in en uit ademt. Je doet dit zowel bij het inademen als bij het uitademen, drie keer na elkaar. In en uit, in en uit, in en uit. Het duurt maar ongeveer vijftien seconden en het belet je meestal niet in wat je op dat moment aan het doen bent. Je observeert je adem zoals die zich vertoont, zonder de ademhaling te willen vertragen of verdiepen. Je bent enkel getuige van het inademen en het uitademen. Op je ademhaling letten betekent dus niet meer dan dat: er aandachtig voor zijn. Het betekent niet dat je het patroon of het ritme of de diepte van je ademhaling moet verbeteren. Je moet helemaal niets forceren of proberen af te dwingen, je moet er zeker niet over gaan nadenken. Je leert hier te observeren zonder in te grijpen. Laat de adem zichzelf ademen, er moet niets bijzonders bereikt worden. Als de adem oppervlakkig is, laat je die oppervlakkig zijn. Gaat de adem snel, dan gaat die snel. Adem je diep, dan is er een diepe ademhaling. Gewoon toekijken gedurende drie volledige ademhalingen.